De Ketterse Kathedraal


Zonen van de Oude Vrouw

VKblog van maandag 6 september 2010 door Wim Duzijn


Dood & Leven

Hoewel fundamentalisten (het maakt niet uit tot welk geloof ze behoren) het als hun taak zien elke vorm van religiositeit te ontdoen van haar mystieke en magische eigenschappen, gedreven door het wraakzuchtig-collectivistische verlangen de eigen, onafhankelijke persoonlijkheid van de gelovige te vernietigen, kan een wat vrijere en intensievere bestudering van de geschiedenis ons leren dat menselijke religiositeit meer inhoudt dan het kleingeestige dwingelandengeloof dat ons door conservatieven als het ware beeld van 'godsdienst' wordt aangeboden.
Conservatieve gelovigen, mensen die iets wat is een vaste, onveranderlijke - ja zelfs vergoddelijkte - vorm willen meegeven, proberen altijd dwingelanden tot Godheden uit te roepen. Moraal, zo stellen ze, is mensen onderwerpen aan 'de wetten van God'.
Dat is de reden waarom profeten (veranderingsgezinde mensen die bestaande vormen aanvallen) de vijanden zijn van de gelijkschakelende kleinburgerij, een mensengroep die gedreven wordt door de ronduit perverse wil alles wat op verandering gericht leven in zichzelf herbergt dood te verklaren.

Zelfs de Islam, die op een felle wijze elke vorm van afgodendienst veroordeelt, omdat voorkomen moet worden dat de volmaaktheid en de volledigheid van God ondergeschikt wordt gemaakt aan de macht van beperkte, onvolmaakte mensen en groeperingen, kent een vorm van magisch denken die gekoppeld is aan een van de belangrijkste Islamitische heiligdommen: de Ka'aba in Mekka.

Midden op het plein van de Grote Moskee in Mekka staat een kubusvormig gebouw van 12 bij 10 meter zonder ramen en met één deur. Van binnen is de ruimte grotendeels leeg. Een dertiental gouden en zilveren lampen hangen aan het plafond. De binnenmuren zijn bedekt met inscripties. De kubus is aan de buitenkant bedekt met een groot kleed van zwart brokaat met goudgestikte Koranteksten er op. Centraal in de Ka'aba-verering staat een ingemetselde zwarte steen, de Hajar al-Aswad, die oorspronkelijk was gewijd aan Shaybah, een drie-ene vrouwelijke God, die aanvankelijk door priesteressen en later door mannen in vrouwenkleren werd geëerd. Ook nu nog worden de Islamitische bewakers van de heilige steen zonen van de Oude Vrouw - Beni Shaybah - genoemd.

Een Vrouwelijke Drie-Eenheid

Shaybah, zou je vrouwelijke pendant kunnen noemen van de mannelijke drie-eenheid die de christenen aanbidden (vader, zoon, geest). Zij vertegenwoordigt de Maan, een Moedergodin die binnen de Islam de naam 'Allah, de genaderijke en compassievolle' gekregen heeft, in haar drievoudige gedaante:

* wassend, de halve maan = Q're of Qure, het jonge, kinderlijke meisje (verwijzing naar de planeet Jupiter die binnen de christelijke verhalen als 'het Goddelijke kind' optreedt),
* vol, Al'Uzza = de zwangere of vruchtbare vrouw(verwijzing naar Venus = de morgenster)
* afnemend, Al'Menat, de oude wijze vrouw, de godin van het lot, de voorbestemming en de kosmische verbondenheid (verwijzing naar de fatalistische planeet Saturnus, die staat voor de dood die leven brengt).

Mannen in vrouwenkleren

De zwarte steen werd voor de islamisering vereerd als een vruchtbaarheidssymbool (de steen deed denken aan een vagina), en had de nadrukkelijke bedoeling het belang van het vrouwelijke principe in de mens te benadrukken. Het feit dat de mannelijke priesters vrouwenkleren droegen wijst erop dat vrouwelijkheid in de pre-Islamitische wereld niet gezien werd als een duivels, decadent principe in de man...
De profeet Mohammed vernietigde dit heiligdom niet, maar nam de oude eredienst op in de Islam.
Sommige bronnen vermelden het gegeven dat hij alle afbeeldingen die op de muren van het heiligdom waren aangebracht verwijderde, behalve de afbeelding van de Maagd Maria met Jezus op haar schoot...
Het feit dat hij de aan de magie ontleende rituelen en symbolen onveranderd overnam (zeven maal rond het heiligdom trekken, hetgeen in het verleden verwees naar het eren van de toen bekende zeven planeten, het kussen van de heilige steen, die een sterke sexuele geladenheid had, en het benadrukken van het belang van het element water, via het bezoeken van de bron Zamzam) laat zien dat hij een voorstander was van integratie en aanpassing.
Hij bood de Arabieren geen onveranderlijk systeem aan dat de ontkenning was van al het bestaande, maar hij integreerde alles wat hij rondom zich ontwaarde in een ruimer systeem, en dat ruime, open systeem, waarin iedereen zich thuis moest kunnen voelen, noemde hij 'de Islam'.
Binnen dat nieuwe wereldbeeld werden nieuwe verhalen gekoppeld aan de heilige steen die de centrale kern vormt van de Ka'aba-verering in Mekka. Dat die verhalen nieuw zijn impliceert de aanwezigheid van oude verhalen, een feit dat veel gelovigen vergeten.
Volgens een islamitische legende zijn Adam en Eva in de steen van de ka'aba verenigd. De steen werd gesneden uit een enorme rode robijn en bevatte een witte steen in het hart. De kleuren rood en wit vertegenwoordigen het vrouwelijke en het mannelijke principe en symboliseren volgens mystieke denkers het verlangen naar vereniging van die twee principes.
Later werd de steen door de zonden in de wereld (zondeval of verdrijving uit het paradijs) zwart: de derde heilige Islamitische kleur.


Al-Uzzah

De godin AL-UZZAH, ook wel 'de Venus van Mekka' genoemd, wordt op indirecte wijze aangeroepen in de Koran in Soera 86: De Morgenster:
"In naam van Allah, de Barmhartige, de Genadevolle. Bij de hemel en bij de morgenster. En wat weet gij (er van) wat de morgenster is? Het is een ster van doordringende helderheid. Er is geen ziel waarover geen wachter is. "