eenling worden in een schijn-democratie
Het laffe christendom
"Er zijn twee polen in het menszijn: enerzijds is hij dier, anderzijds geest. Het dierlijke verhoudt zich tot de voortplanting en daartoe zijn alle mensen graag bereid. Het gevolg hiervan is (en dat is het ongeluk van het bestaan) dat het aantal stijgt in een grote wanverhouding tot die enkelingen die in een werkelijke verhouding tot het geestelijke staan.
Toch is het eigenlijke ongeluk daarmee nog niet precies aangegeven. Neen, de wanverhouding tussen het aantal en de weinige enkelingen die daaraan tegenwicht moeten verschaffen is zo groot dat er zich tussen die weinigen en die massa een hele tusseninstantie, een medium schuift: dat zijn de dominees, de docenten enz., die ervan leven de massa naar de mond te kletsen, wier kostwinning het is de waarheid tot leugen om te praten.
Als er nu maar een paar van die enkelingen die zich werkelijk tot het geestelijke verhouden, greep konden krijgen op de gewone man, was er al veel gewonnen. En het wordt een tenhemelschreiende leugen als deze ook nog doet alsof zij de mensen dichter bij de waarheid brengt. Neen, de tusseninstantie is en blijft halfheid en zij helpt de massa alleen maar in de halfheid."
"Het duurt nu niet lang meer of de vrijdenkers in onze dagen zullen door de regering worden vervolgd... omdat zij het christendom verkondigen! Immers wij staan niet ver van het punt dat alles ondersteboven komt te staan. De orthodoxe kerk verkondigt geen christendom meer omdat zij het volslagen tot epicurisme heeft doen ontaarden. Dan neemt de vrijdenker de taak op zich, uiteraard om te chicaneren, om weer te verkondigen wat christendom is...; maar dan zal de regering hem straffen. "
Søren Kierkegaard, in: Denken en Zijn
Brief van 7 maart 1996,
Aan de redactie van het Algemeen Dagblad,
t.a.v. Lisette 't Hooft
Beste Lisette,
Wanneer je het niet eens bent met iemand, stelt professor Smalhout (alias dokter Bob van de Telegraaf), dan moet je dat duidelijk laten blijken. En omdat ik een zeer welwillend mens ben die anderen gaarne een plezier doet, daarom zal ik zijn wijze, vaderlijke raad zonder tegendraads gezeur en gemopper opvolgen.
Dat komt waarschijnlijk omdat ik een vrijdenker ben. En het kenmerk van een vrijdenker is, zoals je ongetwijfeld weet, dat hij niet wil zeuren en zaniken, maar dat hij op een niets en niemand ontziende wijze de waarheid uit wil dragen. Wat dat betreft is hij de tegenpool van de kleinburger. De kleinburger is, om het onparlementair uit te drukken, een 'zeikerd', die op een niets en niemand ontziende wijze voor de leugen kiest. Dat is waarschijnlijk de reden waarom de schrijver Harry Mulisch in dit land tot 'genie' is uitgeroepen:
Hij heeft op een geniale wijze de leugen tot meesterwerk verheven...!
Dokter Bob van de Telegraaf (alias professor Smalhout) houdt, ondanks zijn kritische zin, van schijnheilige leugenaars. Dat komt waarschijnlijk omdat hij, als nette, keurige dokter, een heterogen in zijn hoofd heeft zitten. Hij is, om het simpel uit te drukken 'als heterosexuele dokter geboren' (mogelijk zelfs compleet met witte jas en bloeddrukmeter!).
Misschien weet je niet wat dat is, een 'heterogen', en daarom wil ik je dat graag duidelijk maken hier, zodat ons contact toch nog een leerzaam avontuur wordt:
Een heterogen is een biologische informatiedrager, die er zorg voor draagt dat een mannelijke chirurg op een nette, fatsoenlijke wijze geil wordt van de kut van een vrouw, en dan alleen, als die vrouw geen patiënt van hem is, zodat er nooit oneerbare gedachten in zijn hoofd opwellen. Erg gecompliceerd allemaal, maar daar is het ook een heterogen voor...
Vrouwen bezitten natuurlijk ook een heterogen. Als ze netjes zijn tenminste... Dat gen zorgt ervoor dat ze geil worden van de lul van een man, en alleen als ze met die man getrouwd zijn, want vrouwen die achter elke willekeurige man aansjouwen, dat zijn hoeren, en die deugen niet volgens de heterosexuele moraal van dokter Bob. Waarschijnlijk is in die gevallen het 'neukgedeelte' van hun 'heterogen' defect...!
Waarom het heterogen zich in mensen die in biologisch opzicht weinig van elkaar verschillen zo geheel anders gedraagt is een raadsel. Ik bedoel, waarom is het heterogen in de man kutgericht en waarom is het in de vrouw lulgericht? Erg raadselachtig allemaal...
Misschien weet jij daar het antwoord op.. Jij bent er trots op dat je op oudere leeftijd nog een 'superlinkse' heterosexuele vrouw bent...
Mij imponeert dat niet, zo'n uitdrukking als 'ik ben superlinks'. Wat moet ik me daarbij voorstellen, bij de uitdrukking 'linkse heterosexuele vrouw'? Echt hoor, ik weet het werkelijk niet.
Een wezen misschien, dat idiote kleinburgerlijke theorieën van rechtse Telegraaf-doktoren aanhangt, dat schijnt het te zijn. En iemand zijn die eigenzinnige mensen een zee van saaie, holle ouwelijkheid aan wil smeren, dat schijnt ook het kenmerk te zijn van een door en door fatsoenlijke heterosexuele vrouw.
De prentbriefkaart bijvoorbeeld, die jij me als reactie op een brief van me toestuurde, toont me een stokoude man: een zwerver, een verwaarloosde schooier, echt zo eentje die, zoals linkse kleinburgers dat zo fraai weten uit te drukken: 'geen mens kwaad doet', want mensen die kwaad worden, daar houden linkse mensen niet van.
Op de achterkant van de kaart staat een quasi-literair tekstje afgedrukt: "Warten auf den neuen Tag".
Onder die nogal hol klinkende frase heb jij een paar eigen gedachten geschreven: in blauwe ballpoint-inkt op twee onder elkaar geplakte etiketten, erg slordig, maar dat komt waarschijnlijk omdat de prentbriefkaart die je me hebt toegestuurd niet in de winkel is gekocht.
Edgar gratis Postkarten Service, lees ik, dus het zal wel een gratis toegestuurd cadeau-exemplaar zijn, dat met behulp van een reclametekst onbruikbaar is gemaakt...
Kern van jouw - bijzonder zuinig uitgesproken - boodschap is dat je de CDA-er Elco Brinkman, de man van 'niks voor niks', waarover ik me tegenover jou nogal laatdunkend heb uitgelaten, een 'hele aardige man' vindt.
Ik deel jouw mening dus niet. Elco Brinkman zou een aardige vent zijn als hij de zijde had gekozen van de opstandige christen Søren Kierkegaard.
Kierkegaard verwijt het christendom dat ze Christus hebben verloochend. Zijn omschrijving van Christus is helder en duidelijk:
Christus is de eenvoudige enkeling, een omschrijving die mij als muziek in de oren klinkt.
Alles wat de mens uit wil leveren aan de vernielzuchtige massa en de terreur van een egoïstische, door en door arrogante groep wetenschappers en tekstuitleggers die alleen maar de eenvoud en de onschuld in een ander kapot willen trappen wijst hij als 'anti-christelijk' van de hand. Christus is in zijn ogen, juist door zijn vermogen 'eenvoudig' en 'enkeling' te zijn, een bruggenbouwer, die in staat is ieder mens als individu tegemoet te treden.
Elco Brinkman is het tegendeel van de bruggenbouwer. Hij vertegenwoordigt een christendom, dat volgens Kierkegaard niet lijden wil, een christendom, dat de kerk gebruikt als een middel om het lijden af te wentelen op anderen, met name op diegenen die anders dan de anderen zijn:
Deze 'christenheid' is een samenzwering tegen het Nieuwe Testament. Ja, ik weet het wel: zij beelden zich in dat zij aardige christenen zijn en dat vrijdenkers daarentegen en sektariërs etc. het christendom ondermijnen. Maar dat is de oude truc van de dief die bij vervolging wegrent en dan zelf schreeuwt 'Houd de dief!', om de aandacht van zichzelf af te leiden. Wat is er nu te doen tegen deze massale samenzwering? Ja, het pubhek zal kwaad worden als het het antwoord hoort: 'de enkeling' is nodig, Een enkeling maar. Want de samenzwering schuilt wezenlijk in het numerieke. Onder de schijn van ijver voor het christendom drukt het numerieke het christendom plat, net als een slapende moeder met schijnbare zorg voor het kind het met heel haar gewicht verstikt.
Je moet een man die zich christen noemt confronteren met argumenten die zijn christelijkheid op de proef stellen. Dat betekent dat je kennis moet nemen van de gedachten van christelijke denkers die 'anders' zijn, christenen die niet kiezen voor een aangepast burgermansbestaan, die niet getrouwd zijn met een van keurig nette heterogenen voorzien burgermansvrouwtje, dat van het bestaan een rozig schilderijtje maakt, waarop alleen maar het woordje 'volstrekt wereldvreemd' van toepassing kan worden verklaard.
Een christen is volgens Kierkegaard geen wereldvreemde man. Een christen wil in de werkelijkheid staan, en dat betekent dat je de angst om anders dan anderen te zijn overboord zet.
Anders dan anderen zijn betekent niet dat je kiest voor een aangepast, kritiekloos zwerversbestaan. Anders dan anderen zijn betekent dat je op een trotse wijze jouw eigenheid op een heldere en concrete wijze uit wil drukken. En als die eigenheid de ontkenning is van de chaos en de ongeregeldheid van een zwerversbestaan, dan wijs je dat zwerversbestaan van de hand, dan zeg je: "Wie van mij een verschooierde, verwaarloosde zwerver wil maken, is in mijn ogen een vervloekte, sadistische klootzak."
Ik ben een eenvoudig mens, maar ik wil geen zwerver zijn. Ik houd daarom van de christelijke denker Kierkegaard, die op een werkelijk christelijke manier, dat wil zeggen: niet ten koste van een ander, zijn bestaan vorm probeert te geven.
Brinkman heeft nog nooit in zijn leven een christelijke daad gesteld. Kun je op Brinkman de woorden 'enkeling' en 'eenvoudig' van toepassing verklaren? Aanbidt Brinkman de eenvoudige enkeling?
Ik heb hem in het jaar 1983 (in februari, n.a.v. een artikel in het Algemeen Dagblad) mijn boek 'Revolutie in het Gekkenhuis' toegestuurd, een verhalenbundel die op een eenvoudige wijze de realiteit van de enkeling bevestigt. Ik dacht bij mezelf: die man zoekt profeten, die zoekt mensen die zich aan de rand van de maatschappij opstellen, dus waarom zou ik hem dan dat plezier niet doen? Ik schaam me niet voor mezelf: ik ben geen opschepper en geen bluffer, ik wil best een eenvoudige enkeling zijn..., heel gewoon en zonder veel poeha, omdat ik nu eenmaal een eenvoudige enkeling ben...
Volgens Kierkegaard maakt die opstelling een Christus-figuur van me. Maar denk jij nu echt dat de aardige Elco Brinkman in mij een Christus-figuur heeft ontdekt...?
De aangepaste kleinburger wil God alleen dan aanbidden, wanneer hij er beter van wordt. Dat is wat Kierkegaard ook stelt: Het christendom maakt er een zaakje van, het christendom is de mening toegedaan dat God zich niet met kleinigheden bezig mag houden, en helemaal niet voor niks!
God is de God van een volk, een groot volk met centen, niet de God van een arme enkeling. Een enkeling kan volgens het reguliere christendom alleen God vinden, wanneer hij lid wil worden van het grote geheel van het volk.
Het jodendom heeft ons dat krankzinnige, harteloze Gods-idee opgedrongen. Een religieuze jood zal nooit zijn eigen identiteit op de voorgrond plaatsen. Altijd zal hij de ander doorverwijzen naar het grote geheel waar hij deel van is: het volk, dat grote, grauwe, alles en iedereen verpletterende rotsblok, dat nooit door een intelligente enkeling aan splinters geslagen mag worden, omdat het God zelf geworden is.
Ieder moet het op zijn manier doen. Slechts een ding is zeker: men heeft geen werkelijke ernst gemaakt met het zoeken van het Rijk Gods zolang men 'net als de anderen' wil blijven: dat is eeuwig onmogelijk, zegt Kierkegaard..
Kierkegaard is een anti-joodse denker. Daarom wordt hij door de elite in dit land niet serieus genomen. Want je moet hier het volk dienen - de massa, het collectief, het grauw... Alleen dan ben je links, liberaal en christelijk.
Ik dien het volk niet. Ik zal ook nooit het volk dienen. Omdat ik geen fascist wil zijn. Als ik crepeer, dan kunnen ze op mijn graf zetten: 'Hij ging ten onder vanwege zijn hardnekkige weigering het grauw te dienen. Hij was geen heiden, geen jood en geen fascist, en daar was hij trots op..'
Mensen zelf leren nadenken, dat is wat Kierkegaard als christelijk denker wil. En wanneer je mensen zelf wilt leren nadenken, dan heb je onafhankelijke denkers nodig, denkers die eenvoudig kunnen denken, omdat de meeste mensen je alleen begrijpen wanneer je eenvoudig bent.
De wet van Gods nabijheid en afwezigheid, stelt Kierkegaard, is deze: hoe meer het fenomeen, het ogenschijnlijke, uitdrukt dat God hier onmogelijk ter plaatse kan zijn, des te nabijer is Hij daar. Omgekeerd: hoe meer het fenomeen, het ogenschijnlijke, uitdrukt dat God zeer nabij is, des te verder is Hij verwijderd.
Begrijp je wat dat betekent? Dat betekent dat God, juist omdat hij zo oneindig groot is, alleen daar ontdekt kan worden waar het leven oneindig klein is.
'De ontdekking van de Hemel', van Harry Mulisch is een goddeloos boek. Hoe groter je iets maakt, stelt Kierkegaard, hoe minder ruimte er is voor God.
Mulisch is een man van het volk. Niet het eenvoudige volk, want dat is het klootjesvolk en daar wil hij niets mee te maken hebben, nee, het uitverkoren volk, het volk van de Grote Leider, een volk dat de pompeuze, brallerige bevestiging is van de klein-menselijke grootheid.
Je kunt dus stellen dat het aan de Grote Leider opgedragen werk van Harry Mulisch ten doel heeft god klein te maken.
Dokter Bob van de Telegraaf (professor Smalhout) wil ook graag een volksheld zijn. Daarom benadrukt hij in zijn columns de gezondheid van het volk en de ziekelijkheid van al diegenen die niet 'volks' zijn.
Wie niet 'volks' is, moet worden gezien als een misgeboorte, een monstruositeit, die alleen normaal is wanneer hij, drijvend in een flesje sterk water, zichzelf in dienst stelt van de wetenschap.
Dokter Bob houdt van sterk water. In zijn huis staat een reusachtige kast vol inmaakpotten, die geen aardbeien, bosbessen of frisse groene tuinboontjes bevatten, maar uit elkaar gepeuterde hersenen, afgehouwen ledematen en heterogenen, die aan moeten tonen dat hij, als pianospelende echtgenoot van een heterosexuele celliste volstrekt normaal is.
Ik heb, muzikaal gesproken, twee linkerhanden. Mijn rechterhand weet wat de linkerhand doet, en dat is niet goed. Iemand die piano speelt moet zichzelf opsplitsen. Het ene deel speelt de solo-partij, het andere deel speelt de begeleidende bas-partij. Hoe je zoiets klaar moet spelen, weet ik niet. Waarschijnlijk bezit dokter Bob een piano-gen, en of dat normaal is, dat durf ik als bezitter van een afwijkend anarchisten-gen niet te zeggen - want wie ben ik...?
Een arme zielige zwerver, die stilletjes moet wachten op een nieuwe dag die nooit zal komen...?
wim duzijn
brief aan de redactie van het Algemeen Dagblad
zwolle, 7 maart 1996
|